De Escaperoom

‘Waar is dat boekje? Amber, wáár is dat boekje?!’ roep ik terwijl ik als een hamsterende Irma Sluis in de berg boeken, mapjes en aan elkaar geniete A4-tjes graai.

‘Is het deze?’

‘Nee joh mama, natuurlijk niet,’ zegt ze kalm, maar met een opgetrokken wenkbrauw, terwijl ze voor de opengeklapte laptop zit.

Het is een paar minuten voor negen en de les begint elk moment. Amber zit aangekleed, met gekamde haren en gepoetste tanden op haar plek aan de eettafel waar straks de les gaat beginnen. De Teams-verbinding is tot stand gebracht en zojuist heb ik alle boekjes aan de hand van de planning van school bij elkaar gelegd voor de les die over een paar seconden gaat beginnen. Dat klaarleggen vereist serieuze vaardigheden, omdat het formulier waarop dit beschreven staat een formulier is met plaatjes van boekjes. Die plaatjes zijn, om mij nog steeds onduidelijke redenen, dan weer niet precíes de boekjes die je nodig hebt, maar wel bijna. Het formulier verwijst vervolgens ook naar een formulier dat in de school-app staat. Het is een ingewikkelde klus die wij thuis ‘De Escaperoom’ noemen. Hierbij moeten we het hebben van informatie van Amber en logica. Beiden niet altijd even meewerkend. Maar als we De Escaperoom oplossen en dus ontsnappen hebben we altijd een voldaan gevoel. Net als bij een echte escaperoom dus.

Maar nu heeft de juf het dus net over een boekje dat niet op het formulier staat. We zijn dus helemaal niet ontsnapt! Maar de tijd begint te dringen want de les begint bijna. In gedachten zie ik de tijd van de digitale klok van een bom teruglopen terwijl ik aan het uitzoeken ben of ik het rode of het blauwe draadje door moeten knippen. Amber is niet bezig met deze tijdsdruk. Ze is meer geïnteresseerd in de klasgenootjes die ze op het scherm ziet bewegen.

‘Haha, kijk wat Olivia doet, kijk mama. Kijk dan.’

Ik negeer het gekke dansje van haar klasgenootje en zoek opgefokt door. Tijdens mijn zoektocht hoor ik allerlei kinderstemmen door elkaar heen galmen. De verbinding van sommigen hapert, andere roepen dat ze nieuwe schoenen hebben of vragen of ze mogen poepen. Daarnaast trekt er een hongerige dreumes aan mijn been. Je zou van minder overspannen raken denk ik nog.

‘Maar Amber, het moét toch deze zijn? Dit is toch wat de juf bedoelt?’ Ik hou een boek omhoog die mij op dit moment het meest logisch lijkt.

‘Neehee, dat weet je toch wel, dat is mijn oefenboek. Daar werken we al heel lang aan. Jij weet echt niks mama.’ Ze rolt met haar ogen zoals wel vaker de laatste tijd.

‘We gaan beginnen,’ hoor ik de juf zeggen.

‘Is het dan deze?’ vraag ik terwijl ik wanhopig een boek omhoog houd.

‘Oh ja!’ zegt ze achteloos.

Ik doe het boek open bij de juiste pagina, gooi deze op tafel en sommeer haar op te letten.

Ik zucht en ga naast haar zitten. We zijn ontsnapt. Nova trekt nog steeds aan mijn been. Ik sta op om fruit voor haar te pakken. In een bakje, anders lust ze het niet.

Zo, en dit was pas het onderdeel ‘taal’.

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *